6.9. Computers hebben hun veto over natuurlijke selectie uitgesproken

In een ingenieus experiment aan de universiteit van Stanford probeerden Michael Conrad en H. H. Pattee om computers natuurlijke selectie te laten uitvoeren. De wetenschappers programmeerden de computers om "ecosystemen" te simuleren – denkbeeldige omgevingen met denkbeeldige organismen van verschillende types. De organismen werden onderworpen aan diverse spanningen zoals in het echte leven voorkomen. Zij kregen de kans om te "strijden om hun voortbestaan". Hun voedseltoevoer werd langzaam verlaagd, zodat sommige niet zouden kunnen overleven. Ook werden zij plotsklaps in nieuwe omgevingen overgezet, om op deze manier mogelijke aanpassingen teweeg te brengen die tot evolutie zouden kunnen leiden. En ze werden geprogrammeerd om eerst symbionten op te zoeken: partner-organismen die elkaar helpen overleven, zoals ook bijen en bloemen met elkaar samenwerken. Het zorgvuldig geplande experiment pakte bedroevend ontmoedigend uit voor de evolutietheorie. De wetenschappers schreven het volgende in het "Journal of Theoretical Biology" over de "organismen" die overleefden:

"De overheersende soorten organismen waren ongetwijfeld inefficiënt. Veel organismen droegen fenotypische volgordes zonder duidelijke selectieve waarde...Organismen met efficiënt geplaatste parametrische symbolen lieten geen duidelijk voordeel zien ten opzichte van de organismen met inefficiënt geplaatste symbolen." [1]

De professors verhaalden over het onvoorziene falen van natuurlijke selectie in deze zorgvuldig opgezette proef waarbij verschillende "systemen" betrokken waren:

"De lage efficiëntie van organismen en het verval van overeenkomstigheid zijn enigszins verrassend omdat een verbetering in deze eigenschappen vaak wordt beschouwd als een criterium voor evolutie. Maar systeem 1, dat een gestaag toenemende overeenkomstigheid had, vertoonde totaal geen gedrag dat karakteristiek is voor evolutie." [2]

Volgende pagina


1 Michael Conrad en H. H. Pattee, "Evolution Experiments with an Artificial Ecosystem"", Journal of Theoretical Biology (september 1970), pp. 405, 406 (de schrijvers zeiden in dit artikel niets over hun eigen filosofie met betrekking tot evolutie). [Terug naar de tekst]

2 Idem, p. 406. [Terug naar de tekst]